Obe Postma, Natuurwetenschap en Historische wetenschap

Verantwoording bij deze editie

Het handschrift

Het handschrift lijkt vrij haastig te zijn ontstaan. Zinnen lopen soms niet, net alsof ze vrij gedachteloos zouden zijn overgeschreven. Het zou daarom een afschrift kunnen zijn van een eerdere versie. Toch is het niet zo dat het een net afschrift is. Er zijn vrij veel doorhalingen en tussenvoegingen.

De tekst is een voordracht voor de Wetenschappelijke afdeling van het Natuurkundig Genootschap te Groningen, die werd gehouden op 12 april 1913 [noot 1]. In zijn aantekenschriften Filosofie 12 en 13 geeft hij uittreksels van de hier besproken werken van Rickert, Meijer en Heymans. Het onderwerp hield hem zeker eind 1911 al bezig, want er is een aantekening van hem bij een passage in een brief van Tjitse de Boer van 19 december van dat jaar, waarin hij schrijft: “vaststellen van feiten zelf zonder verklaring is ook nog wel wetenschap. B.v. massa aarde en zon; constanten bepalen. Zo ook in geschiedenis: b.v. verschil gevangene in Sedan en Metz en jaartallen. Een toestand en rijkdom op zekere tijd. Geschiedenis letterkunde is niet alleen verklaring. Vooral aardrijkskunde niet alleen verklaring.” De Boer had geschreven: “Ik voel mij het gelukkigst bij het verzamelen van allerlei feitenmateriaal.” [noot 2]

Er zijn verschillende aanwijzingen dat dit handschrift voor die voordracht is gebruikt. Zo zijn ter ondersteuning van de voordracht de belangrijkste woorden onderstreept. Het is geschreven op losse schriftblaadjes, die vóór het gebruik lijken te zijn uitgescheurd uit een schrift. De bladzijden zijn enkelzijdig beschreven en genummerd van 1 tot 16. Driemaal staan er een paar regels op de ommezijde van een blad. Een van die drie gevallen betreft het laatste blaadje, dat op de ommezijde de eindconclusie bevat en 16a genummerd is. Uit de wijze waarop in de beide andere gevallen het volgende blaadje op de achterkant van het vorige aansluit, is wel duidelijk dat het daar om een vergissing gaat. Na een paar regels wordt plotseling afgebroken en doorgegaan op een nieuw blaadje. Op blaadje 10 volgen nog enkele regels op een nieuw blaadje 10b. Het is het slot van de kritiek op de beschouwingen van Rickert op het gebied van de natuurwetenschap. Om redenen van overzichtelijkheid zal in dit geval bewust gekozen zijn voor het afronden op het ene blaadje en het nieuw beginnen met een ander onderwerp op een volgend.

Mogelijk moeten de W. en de D. aan het einde van de tekst opgevat worden als de initialen van deelnemers aan de discussie achteraf. Wat erachter staat, lijken immers niet alleen losse opmerkingen, los van de tekst, maar ook alternatieven voor wat er onmiddellijk aan vooraf als conclusie in die tekst staat. Deze interpretatie verdraagt zich met het feit dat Postma door de laatste bladzijde waarop ze staan, in zijn geheel een kruis heeft gehaald. Het is blaadje 16a, dat de eindconclusie bevat (zie foto, klik op de foto voor een vergroting). Klik hier  voor laatste bladzijde van de lezing De W. zou wellicht kunnen staan voor E.D. Wiersma, hoogleraar psychiatrie aan de Rijksuniversiteit in Groningen en lid van de Wetenschappelijke afdeling van het Natuurkundig Genootschap.

Het handschrift is opgenomen in de Verzameling Obe Postma, OPS, in de collecties van Tresoar, Leeuwarden.

De uitgave

Ongebruikelijke afkortingen zijn stilzwijgend opgelost. Het gaat dan met name om de afkorting wet. voor wetenschap, die talloze maken voorkomt. Tussen {} zijn toevoegingen van de uitgever gezet. De auteur zelf geeft enkele malen toevoegingen tussen []. In noten wordt commentaar op de tekst geleverd. De formules zijn verzorgd door Eeltje de Vries. De tekst stelt hoge eisen aan een commentator. Een werkelijk verhelderend commentaar geeft niet alleen toelichting op bepaalde passages, maar plaatst het geheel ook in de tijd en in de discussie van toen en laat zien wat het belang van Postma’s bijdrage in het debat is. Lezers wordt daarom verzocht commentaar te leveren. Dat kan bestaan in annotaties in de vorm van noten of ook in inleidende beschouwingen. Hun bijdragen worden in het ene geval, voorzien van initialen, tussengevoegd als noten, in het andere met volledige naam toegevoegd aan de uitgave. De initialen worden met de volledige namen in een lijstje vooraf opgenomen. Graag insturen naar Philippus Breuker.

Philippus Breuker

Lijst van initialen

PHB = Philippus Breuker


Obe Postma, Natuurwetenschap en Historische wetenschap [noot 3]

Dames en Heeren, Ik wil trachten U enkele oogenblikken bezig te houden, vooral naar aanleiding van een boek, dat al een 10 tal jaren oud is, maar toch nog, vooral in Duitschland voortdurend de aandacht blijft trekken, en waarmee men rekening moet houden bij het nagaan van de onderlinge verhouding der verschillende wetenschappen. Ik bedoel het boek van Rickert, Die Grenzen der naturwisschenschaftliche Begriffsbildung. De onderlinge verhouding der wetenschappen, de verdeeling der wetenschappen vormen een probleem, waarmee de filosofen zich nog al eens hebben beziggehouden. Heel wat systemen zijn daarbij voor de dag gekomen en een scherpe logische indeling zal wel niet mogelijk zijn.

Obe Postma, natuurwetenschap en historische wetenschap

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *