DE DICHTER

DE DICHTER

Wat door een dichter werd geleden en genoten,
Wat door een hart gevoeld werd, door een hoofd gedacht,
Heeft door een zoete stem in tonen uitgegoten,
Soms duizenden geboeid met wond’re toverkracht.
 
De woorden, door zijn geest op ’t blank papier geschreven,
Zacht klagend nu, dan juichend, jub’lend stout en vrij,
Ze zullen met hem ons doen voelen, denken, leven,
Dat leven hatend of aanbiddend zoals hij.
O.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *