Categorie archief: Werk

De skriftlike neilittenskip fan Piter Obes Postma

De skriftlike neilittenskip fan Piter Obes Postma
bylage by: Tineke Steenmeijer-Wielenga, ‘Piter Obes Postma (1835-1891), de heit fan de dichter’. Yn: Wjerklank 11 (2012)
Yn it hjirboppe neamde artikel oer Obe Postma syn heit wie net genôch romte om de fiif  teksten dy’t fan dy syn hân bewarre bleaun binne hielendal op te nimmen. Ik haw yn dat stik tasein, dat se folslein tagonklik makke wurde soene op it webstee fan it Obe Postma Selskip. Dy tasizzing kom ik hjirby nei. Tineke Steenmeijer- Wielenga.

Lees verder De skriftlike neilittenskip fan Piter Obes Postma

Ynventaris skriften Postma

Ta de skriftlike neilittenskip fan Postma hearre mear as achthûndert skriften mei úttreksels fan stúdzjes en ek mei optekeningen fan gedichten op it stuit dat se ûntstienen. Se rinne fan syn skoaltiid oant syn dea. De skriften dy’t (troch dr. J.J. Spahr van der Hoek) yn 1982 op de Fryske Akademy brocht wienen, binne yn 1983 beskreaun troch Philippus Breuker en dêrneffens koartlyn ynventarisearre op Tresoar. Tresoar hat de beskriuwing oanfolle mei de skriften dy’t nei de dea fan Postma op it FLMD kommen wienen. Dat wienen mar in stikmennich. No binne se gearbrocht yn ien samling, de Obe Postma Samling (OPS). Wy tankje Tresoar foar de tastimming om de beskriuwing oer te nimmen. Se is ek te finen op http://www.archieven.nl.

Yn it ynliedend stikje by de skriften Filosofy en psychology stiet in printflater ([1908] moat [1900] wêze) en de skriften Filosofy 5 en 6 kinne op 1902 yn stee fan 1903 set wurde.

Ynventaris skriften (as PDF-dokumint)

Overzicht van de bronnen van Postma’s kennis van Friesland

Editie Obe Postma, Inhoudsopgave betreffende Friesland

Postma heeft onvoorstelbaar veel materiaal over de geschiedenis van Friesland uit archieven verzameld, met name uit de voordien nauwelijks benutte archieven van de plattelandsgrietenijen, die lopen van de zestiende eeuw tot 1806 of ook wel 1811. Minder belangstelling had hij voor de geschiedenis van de steden. Ook stukken uit gemeente-archieven, musea en familie-archieven verwerkte hij soms en ook aantekeningen uit particulier bezit [noot 1]. Hij begon zijn archiefonderzoek in 1918 en zette het voort tot begin jaren zestig, vlak voor zijn overlijden.

Lees verder Overzicht van de bronnen van Postma’s kennis van Friesland

Primaire bibliografie van het werk van Obe Postma

VerantwoordingHieronder volgt in chronologische volgorde een overzicht van het werk van Obe Postma dat in de loop van zijn leven (1868-1963) is verschenen. De bibliografie is samengesteld door Bauke van der Veen (It Beaken, jaargang 20, 1958, pag. 133-144 en It Beaken, jaargang 28, 1966, pag. 94-96), verbeterd en aangevuld met behulp van de gegevens die men kan vinden in A. Feitsma’s artikel ‘Obe Postma, un tachtiger yn Fryslôn’ (Trotwaer, 13e jaargang, 1981, pag. 12-65) en met behulp van de gegevens die Roel Demmink aan Philippus Breuker heeft doorgegeven. De bibliografie kon verder worden gecorrigeerd en aangevuld dankzij de inlichtingen verschaft door Philippus Breuker en Tineke Steenmeijer-Wielenga en na het raadplegen van Brinkman’s Catalogus en de online publiekscatalogus van Tresoar. Postume publicaties van Postma’s werk zijn in deze lijst niet opgenomen, omdat het dan meestal herdrukken betreft. Ook is afgezien van het opsommen van de bronnen van publicaties van de afzonderlijk verschenen gedichten, aangezien die reeds achterin de recent verschenen Samle fersen (2005) worden genoemd. Met betrekking tot die laatstgenoemde categorie, is een uitzondering gemaakt voor die publicaties die in Postma’s studententijd zijn verschenen en die niet in de door hemzelf samengestelde bundeling van zijn verzamelde gedichten opgenomen zijn (Samle fersen, 1949). Werk dat niet tijdens Postma’s leven is gepubliceerd, kan behalve in de laatste editie van zijn verzamelde gedichten, onder andere ook op deze website worden gevonden.

De publicaties zijn als volgt geordend: werk waarvan in de bron de datum, de week of de maand wordt genoemd komt onder het jaar van verschijnen het eerst aan bod, daarna volgt alfabetisch op titel het werk waarvan in de bron die meer nauwkeurige datering ontbreekt. Wat betreft de plaats van uitgave en de naam van de uitgever: die zijn, voor zover bekend, alleen weergegeven als het om monografieën gaat; dus niet bij jaarboeken, periodieken of kranten.

Ook deze bibliografie is niet compleet en waarschijnlijk ook niet foutloos, zo ontbreken bijvoorbeeld de zesde en zevende druk van J. Kors’ Beschrijvende meetkunde, waarvan in 1912 de vijfde door Postma herziene druk verscheen en in 1927 de achtste. Omdat echter nergens in de bestaande bibliografische beschrijvingen en catalogi de zesde en zevende drukken kunnen worden gevonden, konden die hier ook niet worden genoemd, ook al zullen ze er (geweest) zijn.

Graag spreek ik mijn dank uit aan iedereen die zijn of haar gegevens beschikbaar heeft gesteld om deze digitale publicatie mogelijk te maken. Ik hoop dat ieder die belang stelt in de persoon en/ of het werk van Obe Postma op een gemakkelijke en toegankelijke manier geholpen is met dit overzicht.

Jelle Krol, vakreferent Tresoar

1886
O. [volgens A. Feitsma is O. waarschijnlijk: Obe Postma], Lente-liefde, in: Almanak van den Amsterdamschen Studentenbond voor het jaar 1887, [verschenen eind 1886], 4-5.

O. [volgens A. Feitsma is O. waarschijnlijk: Obe Postma], In Frysk liet, in: Almanak van den Amsterdamschen Studentenbond voor het jaar 1887, [verschenen eind 1886], 4-5.

1887
Memini [volgens A. Feitsma is Memini waarschijnlijk: Obe Postma], Stille boden, in: Almanak van den Amsterdamschen Studentenbond voor het jaar 1888, [verschenen eind 1887], 5-6.

Memini [volgens A. Feitsma is Memini waarschijnlijk: O. Postma], Hwet ik woe, in: Almanak van den Amsterdamschen Studentenbond voor het jaar 1888, [verschenen eind 1887], 73-74.

1888
O. [volgens A. Feitsma is O. waarschijnlijk: Obe Postma], De dichter, in: Almanak van den Amsterdamschen Studentenbond voor het jaar 1889, [verschenen eind 1888], 4-5.

1890
O. Postma, Over latijn en grieksch en nog wat, in: Alma Mater, Orgaan van den Amsterdamschen Studentenbond, nr. 8, (Vrijdag 16 Mei).

[Niet ondertekend artikel; volgens A. Feitsma waarschijnlijk van Obe Postma], Goud of wat anders, in: Alma Mater, Orgaan van den Amsterdamschen Studentenbond, nr. 11, (Dinsdag 1 Juli).

P. [volgens A. Feitsma waarschijnlijk Obe Postma] recensie van: Graaf Essex, treurspel in 5 bedrijven en 7 tafereelen, door Heindrich Laube, in: Alma Mater, Orgaan van den Amsterdamschen Studentenbond, nr. 14, (Donderdag 16 October).

[Niet ondertekend artikel; volgens A. Feitsma waarschijnlijk van Obe Postma], Bondsnieuws, in: Alma Mater, Orgaan van den Amsterdamschen Studentenbond, nr. 14, (Donderdag 16 October).

1892
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 8 okt. 1892.
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 17 okt. 1892.
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 31 okt. 1892.
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 7 nov. 1892.
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 14 nov. 1892.
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 21 nov. 1892.
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 28 nov. 1892.
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 5 dec. 1892.
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 12 dec. 1892.
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 19 dec. 1892.
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 24 dec. 1892.

1893
Brieven uit Amsterdam, in: Leeuwarder Courant, 2 jan. 1893.

1895
Iets over uitstraling en opslorping. Proefschrift ter verkrijging van den graad van Doctor in de Wis- en Natuurkunde aan de Universiteit van Amsterdam op gezag van den Rector Magnificus dr. D. E. J. V&ölter, Hoogleraar in de faculteit der Godgeleerdheid in het openbaar te verdedigen op zaterdag 16 februari 1895 des namiddags om 3½ uur door Obe Postma. Groningen, 1895, met stellingen.

1903
Het meten, een kennistheoretische studie. Groningen, Wolters, 1903.

1905
Kors, J., Leerboek der algebra met opgaven, tweede druk nagezien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1903 en 1905, 2 dln.

1906
Iets over de grootheid H. in Boltzmann’s, Vorlesungen über Gastheorie, in: Verslag van de Gewone Vergadering der Wis- en Natuurkundige Afdeeling van 27 januari 1906 [verschenen 7 februari 1906], dl. 14, 602-611. Amsterdam, Koninklijke Akademie van Wetenschappen, 1906.

Kors, J., Leerboek der stereometrie met opgaven, tweede druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1906.

1907
Klankboarne, Forjit my net, 1907, nr. 1/2, jan./feb. 1907, 27-38 [recensie].

Beweging van molecuul-systemen waarop geene uitwendige krachten werken, in: Verslag van de Gewone Vergadering der Wis- en Natuurkundige Afdeeling van 30 november 1907, [verschenen 11 december 1907], dl. 15, 332-349. Amsterdam, Koninklijke Akademie van Wetenschappen, 1907.

Nog iets over de grootheid H. en de Maxwell’sche snelheidsverdeeling, in: Verslag van de Gewone Vergadering der Wis- en Natuurkundige Afdeeling van 29 december 1906 [verschenen 11 december 1907], dl. 15, 498-506. Amsterdam, Koninklijke Akademie van Wetenschappen, 1907.

Kors, J., Beschrijvende meetkunde I, 4e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1907.

1908
Over de kinetische afleiding van de Tweede Hoofdwet der Thermodynamica, in: Verslag van de Gewone Vergadering der Wis- en Natuurkundige Afdeeling van 31 october 1908 [verschenen 12 november 1908], dl. 16, 330-342. Amsterdam, Koninklijke Akademie van Wetenschappen, 1908.

1909
Over de grondslagen der waarschijnlijkheidsrekening, in: Nieuw Archief voor Wiskunde, Tweede reeks, achtste dl., 214-240.

1910
De wet van het toeval, in: Nieuw Archief voor Wiskunde, Tweede reeks, negende deel, 1-21.

1912
Gevallen van gelijke kans, in: Archief voor de Verzekeringswetenschap en aanverwante vakken, dl. XIII, aflevering 3, december 1912, 1-6.

Kors, J., Beschrijvende meetkunde Deel I, 5e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1912.

1914
Korte geschiedenis der Rijks Hoogere Burgerschool te Groningen 1864-1914, in: Derde Gedenkboek van de Rijks Hoogere Burgerschool te Groningen. Groningen, Wolters, 1914, 1-20.

Dr. J. Kors, in: Derde Gedenkboek van de Rijks Hoogere Burgerschool te Groningen. Groningen, Wolters, 1914, 24.

1915
Entropie en waarschijnlijkheid, in: Verslag van de Gewone Vergadering der Wis- en Natuurkundige Afdeeling van 30 november 1915 [verschenen 18 december 1915], dl. 24, 896-905. Amsterdam, Koninklijke Akademie van Wetenschappen, 1915.

1916
Kors, J., Leerboek der stereometrie met opgaven, 3e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1916.

1918
Yetris “ús ljeave heitelân”, Fryslân, nr. 4, apr. 1918, 99-101.

Over de wrijving in verband met de Brownsche beweging, in: Verslag van de Gewone Vergadering der Wis- en Natuurkundige Afdeeling van 29 september 1918, dl. 27, 388-395. Amsterdam, Koninklijke Akademie van Wetenschappen, 1918.

Fryske lân en Fryske libben: fersen. Snits, Osinga, 1918.

1919
“Sate” en “State”, in: Swanneblommen, 1e jrg., 1e nr., feb. 1919, 22-23.

It Frysk yn ‘e 16e ieu, in: Swanneblommen, 1e jrg., 2e nr., apr. 1919, 63-64.

In pear opmerkingen, it boek fen Uilkema oer it Fryske boerehûs oangeande, in: Swanneblommen, 1e jrg., 2e nr., apr. 1919, 69-71.

Pryster, Prester, Preester, in: Swanneblommen, 1e jrg., 6e nr., dec. 1919, 209-210.

1920
Eamelsman, indersman ef . . . . ?, in: It Heitelân, 1e jrg., nr. 51, 14 feb. 1920, 395.

De greatens fen ús pounsmiette, in: Swanneblommen, 2e jrg., 1e nr., feb. 1920, 34-36.

Ho is de pounsmiette ús Fryske lânmiette wirden?, in: Swanneblommen, 2e jrg., 3e nr., jun. 1920, 100-108.

Yetris de greatens fen in pounsmiet, in: Swanneblommen, 2e jrg., 4e nr., sep. 1920, 134-135.

1921.
Kors, J., Leerboek der stereometrie, 4e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1921.

Versluijs, J., Vlakke driehoeksmeting met vraagstukken, 14e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1921.

1923
Esschen op de Friesche klei, Driemaandelijkse bladen, 20e jrg., 1923, 17-26.

Fryske lân en Fryske libben: fersen, 2e form. printinge. Snits, Brandenburgh, Boschma & Co., 1923.

1924
Een Friesch dorp in 1546 [Cornwerd], in: De Vrije Fries, 27ste dl., 8-17.

Virga en Pes in de registers der kloosters te Fulda en te Werden, bijdrage tot de kennis van de oud-friesche hoeve, in: De Vrije Fries, 27ste dl., 268-301.

Versluijs, J., Vlakke driehoeksmeting met vraagstukken, 15e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1924.

1925
Westerbjirrum en Dykshoarne, in: It Heitelân, 7e jrg., nr. 22, 30 mei 1925, 267-268.

Verdronken plaatsen aan de Westkust van Friesland, in: Tijdschrift van het Koninklijk Nederlandsch Aardrijkskundig Genootschap, Tweede serie, dl. XLII, 1925, 386-391.

Kors, J., Leerboek der stereometrie, met opgaven, 5e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1925.

1926
Verdronken plaatsen aan de Westkust van Friesland (Naschrift), in: Tijdschrift van het Koninklijk Nederlandsch Aardrijkskundig Genootschap, Tweede serie, dl. XLIII, 1926, 74-75.

Versluijs, J., Vlakke driehoeksmeting met vraagstukken, 16e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1926.

De begrenzing van de Middelzee, in: Tijdschrift van het Koninklijk Nederlandsch Aardrijkskundig Genootschap, Tweede reeks, dl. XLIII, 1926, 155-167.

1927
Kors, J., Beschrijvende meetkunde, 8e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1927.

1928

Boekskôging. Dage, Fersen I, fen D. Kalma: J. Kamminga, Dokkum, 1927, in: De Holder, 3e jrg., 1928, nr. 1, 14-16.

De zoogenaamde vier-jaarlijksche verdeeling van de hemrik, in: De Vrije Fries, 28ste dl., 34-52.

De gemeene scharren van Hindeloopen en Molkwerum, (Bijdrage tot de geschiedenis van den frieschen grond), in: De Vrije Fries, 28ste dl., 353-401.

1929
De Fryske boerkerij om 1600 hinne, (lêzing hâlden to Ljouwert yn Augustus 1928), in: It Heitelân, 11e jrg., nr. 5, mrt. 1929, 137-141 en in: It Heitelân, 11e jrg., nr. 6, jun. 1929, 163-167.
Ook uitgegeven als boekje. De Fryske boerkerij om 1600 hinne, Lêzing to Ljouwert hâlden yn Augustus 1928. Snits, Brandenburgh & Co., 1929.

De ljochte ierde: nije fersen. Snits, Brandenburgh & Co., 1929. (De Fryske Bibleteek, nr. 16.)

Versluijs, J., Vlakke driehoeksmeting met vraagstukken, 17e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1929.

1931
Sporen van oud-communaal grondbezit, in: Leeuwarder Courant, 5 en 15 sep. 1931.

1932
Versluijs, J., Vlakke driehoeksmeting met vraagstukken, 18e druk herzien door dr. O. Postma. Groningen, Noordhoff, 1932.

“Truchstrinzede ritherne” en de verdeeling van de hemrik, in: De Vrije Fries, 31ste dl., 91-103.

1933
Oer B. E. Siebs: Grundlagen und Aufbau der alt-friesischen Verfassung, in: It Heitelân, 15e jrg., nr. 2, feb. 1933, 49-50 [recensie].

Gedichten fen Rilke / oerset fen O. Postma. Snits, Brandenburgh & Co., 1933. (De Fryske bibleteek, nr. 28.)

1934
De Friesche kleihoeve, Bijdrage tot de geschiedenis van den cultuurgrond vooral in Friesland en Groningen, met veertien kaarten. Uitgegeven door het Friesch Genootschap van Geschied-, Oudheid- en Taalkunde te Leeuwarden. Leeuwarden, 1934.

1935
Swannejachten, in: It Heitelân, 17e jrg., nr. 4, apr. 1935, 89-90.

It plûmgraefskip yn Fryslân, in: It Heitelân, 17e jrg., nr. 5, mei 1935, 111.

Alde Fryske Lânboutastânnen, in: It Heitelân, 17e jrg., nr. 12, dec. 1935, 269-274.

Het Rekenboek van het Hasker Convent (1500-1520), in: De Vrije Fries, 33ste dl., 1-28.

De huishouding van een Fries klooster rond 1500. [Verslag van een lezing voor de Prov. Underwysrie. Opgeplakte krantenknipsels uit:] Ons Noorden, 1935.

Maitiid; [muz. van] P.A. Hettinga. [Sneek, Hettinga], [1935].

1936
It testemint fen de mem fen Greate Pier, in: It Heitelân, 18e jrg., nr. 2, feb. 1936, 33-35. Verbetering op pag. 53.

Side 63, in: It Heitelân, 18e jrg., nr. 4, apr. 1936, 75-76.

In frjeonlik forsiik, in: It Heitelân, 18e jrg., nr. 8, aug. 1936, 183.

Eat oer winterbiswieren en winterformeits yn Fryslân by âlds, in: It Heitelân, 18e jrg., nr. 12, dec. 1936, 270-274.

1937
Das friesische Bauernhaus, seinde Verbreitung und Entwicklungsgeschichte, von dr. Kurt Junge; Verlag Gerhard Stalling Oldenburg, i.O., 1936, in: It Heitelân, 19e jrg., nr. 4, apr. 1937, 92 [recensie].

Binhûs en bûthús, in: It Heitelân, 19e jrg., nr. 10, okt. 1937, 238-239.

Presterhuzen en molkenkeamers, in: It Heitelân, 19e jrg., nr. 11, nov. 1937, 260-261. Neiskrift fan S. J. van der Molen.

Dagen: fersen. Snits, Brandenburgh & Co., [1937]. (Frisia rige, nr. 2.)

De Fryske boerkerij en it boerelibben yn de 16e en 17e ieu. Snits, Brandenburgh & Co., 1937. (Frisia-rige, nr. 5.)

Over het Friesche boerenhuis in de 16e en 17e eeuw, in: De Vrije Fries, 34ste dl., 6-28.

In pear “nomina topographica”, Aech of Aeght, Feit, in: Frysk Jierboek 1937, 124-129.

1938
Oanteikeningen oer it Fryske boerehûs fen S. J. van der Molen, Brandenburgh en Co., Snits., in: It Heitelân, 20e jrg., nr. 3, mrt. 1938, 70-71 [recensie].

Mear of mar grinssleat? in: It Heitelân, 20e jrg., nr. 4, apr. 1938, 83.

Swierrichheden by it oersetten fen de fia-eth út it Emsiger rjucht, in: Frysk Jierboek 1938, 168-173.

Cleedrift en clewendene, in: Frysk Jierboek 1938, 173-175. [Met naschrift op pag. 175.]

1939
Doarp en hemrik, in: Leeuwarder Courant, 12 jan. 1939.

De “Tesk-Laow” fen “Achelim”, histoarysk biskôge, in: It Beaken, 1e jrg., nr. 2, jan. 1939, 56-62.

Oer de namme “van Adelen”, in: It Beaken, 1e jrg., nr. 3, mrt.1939, 86-87.

Sleauwe wirden, in: It Heitelân, 21e jrg., nr. 4, apr. 1939, 83.

De Krinzerearm, in: It Beaken, 1e jrg., nr. 4, mei 1939, side 107-109.

In pear opmerkingen (Emo en Menko-, Kor-n.), in: It Heitelân, 21e jrg., nr. 6, jun.1939, 132-133.

Neiskrift by: L. Hofstra, Kleedrift en Klaauwengang, in: It Beaken, 1e jrg., nr. 5, aug. 1939, 159.

Kor-n, in: It Heitelân, 21e jrg., nr. 8, aug. 1939, 177.

Neiskrift by: G. Knop, De namme “Adelen”, in: It Beaken, 1e jrg., nr. 6, sep. 1939, 196.

Ut in pear âlde doarpsrekkenboeken, in: It Heitelân, 21e jrg., nr. 12, dec. 1939, 280-282.

De Saksische jaartax in Friesland, in: De Vrije Fries, 35ste dl., 51-82.

1940
O. Santema, Ta de Skiednis fen Toppenhuzen en Twellegea, in: Sljucht en Rjucht, 44e jrg., nr. 7, 17 feb. 1940, 107 [boekbespreking].

Eat oer grytman en skoalmaster yn Gysbert Japiks’ tiid, in: Fryslân, 21e jrg., 1e nr., feb. 1940, 4-6.

Gawech, Gaweij-Gau, Geau, in: It Beaken, 2e jrg., nr. 2, mrt. 1940, 61-64.

Fynsten en fragen [oer de ferklearring fan ‘e nammen Flieterpen en War], in: De Pompeblêdden, 13e jrg., 1940, nr. 3, 71-72. [Postma beantwoordt hierin een paar vragen van E. S. de Jong.]

Feit, in: It Beaken, 2e jrg., nr. 3, mei 1940, 95-96. Neiskrift by: G. Karsten, Nogmaals Gaweg, Gaweij-Gau, Geau, in: It Beaken, 2e jrg., nr. 4, sep. 1940, 107-109.

Naschrift bij: G. Karsten, Voor de derde maal Gawech, Gaweij-Gau, Geau, in: It Beaken, 2e jrg., nr. 5, nov. 1940, 133-134.

Op de biwegingsdei, in: Fryslân, 21e jrg., 8e nr., nov. 1940, 118-119.

Nochris “Folksbiweging”, in: It Heitelân, 22e jrg., nr. 12, dec. 1940, 265.

Eat út it iepenbiere libben fen in Fryske stêd, binammen yn ‘e 18de ieu [Boalsert], in: It Heitelân, 22e jrg., nr. 12, dec. 1940, 266-268.

’t Wie Snein; [met muz. van] P. Folkertsma; útjefte: Sintrale Boeke-Forkeap. Meppel, [R. Feenstra], 1940.

1941
Noch ris “frjemd soldatefolk”, in: It Heitelân, 23e jrg., nr. 1, jan. 1941, 8.

Over het ontstaan der oudste Friesche geslachtsnamen, in: Saxo-Frisia, 3e jrg., nr. 1-2, 1941, 8-17.

Granderen, Aenwert, Grandiuorum, Utberdum, Bydrage ta de ierdrykskinde fen middelieusk Fryslân, in: It Beaken, 3e jrg., nr. 2, mei 1941, 52-59.

Ga en gawech, in: It Beaken, 3e jrg., nr. 4, sep. 1941, 98-100. Mei neiskrift fan Tsj. G. de Vries.

Nei oanlieding fen “It Fryske doarp”, in: It Heitelân, 23e jrg., nr. 10, okt. 1941, 202.

In pear oantekeningen út ‘e 17e en 18e ieu de stêd Harns oangeande, in: It Heitelân, 23e jrg., nr. 12, dec. 1941, 239-242.

Doarpsmienskip / O. Postma, J.J. Kalma, E.B. Folkerstma. Dokkum, Kamminga, 1941. [Bevat: Doarp / O. Postma. De bitsjutting fen it doarp / J.J. Kalma. De ienheit fen it doarp / E.B. Folkertsma.]

De Friesche steden en haar “uitburens”, in: De Vrije Fries, 36ste dl., 102-130.

It Fryske doarp as tsjerklike en wrâldske ienheid foar 1795. Snits, Brandenburgh & Co., 1941. (Frisia-rige, nr. 27.)

De pallia fen Fulda en Werden, Reil en reilmerk, in: Frysk Jierboek 1941, 77-89.

1942
Bordmagad, in: Frysk Jierboek 1942, 98-99.

1943
Noch eat oer Greate Pier en syn geslacht, in: Frysk Jierboek 1943, 150-158.

1946
De “foermatten” fen Ezinge en de Fryske boerepleats, in: It Heitelân, 24e jrg., nr. 2, feb. 1946, 34-35. [Verbetering op pag. 54.]

Oer de “Corpora” fan de Fryske kleasters en hwat der út fuortkaem, in: It Beaken, 8e jrg., nr. 1, mrt. 1946, 11-16.

Oer de “Corpora” fan de Fryske kleasters en hwat der út fuortkaem (slot), in: It Beaken, 8e jrg., nr. 2, jul. 1946, 18-21. [Dit artikel is niet ondertekend met Postma, mar met “R.A. to Ljouwert”.]

Nei oanlieding fan twa Slauerhoff-Oktobernûmers, in: It Heitelân, 24e jrg., nr. 12, dec. 1946, 286-288.

Forlikinge fen de nammen út de Abtelibbens fen Sibrandus Leo mei dy út de Gesta Abbatum Orti Sancte Marie, in: Frysk Jierboek 1946, 156-169.

Personen of Geslachten in plaatsnamen en boerderijnamen? in: De Vrije Fries, 38ste dl., 29-53.

In pleats fan it jier 855 yn ús tiid weromfoun? in: Frysk Jierboek 1946, 150-156.

It sil bistean: fersen. Snits, Brandenburgh & Co., 1946 [i.e. 1947]. (Frisia-rige, nr. 37.)

1947
Oer “Nije Gedichten” fan D. A. Tamminga, in: It Heitelân, 25e jrg., nr. 4, apr. 1947, 89-90. [recensie]

Heeft het Friese boerenhuis in zandstreken en op de klei dezelfde ontwikkeling doorgemaakt? in: Een kwart eeuw Oudheidkundig Bodemonderzoek, Gedenkboek A. E. van Giffen, Directeur van het Biologisch-Archaeologisch Instituut der Rijksuniversiteit te Groningen 1922 – 17 juni -1947. Meppel, Boom, 1947, 275-288.

It Frysk Jierboek fan 1946, in: It Heitelân, 25e jrg., nr. 7-8, jul.-aug. 1947, 183-184 [recensie].

Alde kontrakten oer it bouwen fan huzen, in: It Heitelân, 25e jrg., nr. 9, sep. 1947, 193-195.

Tankwurd, [s.l. : s.n.], 1947. [1 grammofoonplaat 78 tpm., 10-10-1947. Bevat: Dankwoord Gysbert Japicxpriis uitgesproken door O. Postma.]

Fan it Fryske lân, [s.l. : s.n.], 1947. [1 grammofoonplaat 78 tpm., 10-10-1947. Bevat: voordracht door Douwe Tamminga van het gedicht: Fan it Fryske lân van O. Postma].

Yn ‘e foarsimmer [voorgelezen op 10-10-1947 door D.A. Tamminga bij de uitreiking van de Gysbert Japicxpriis aan Obe Postma]. [Opgeslagen op op c.d. Pak 1 en 2, nr. 50 en op dvd. S.l : s.n.], 1947.

Gysbert Japicx’ tsjustere jierren, in: Frysk en Frij, 3e jrg., nr. 44, 31 okt. 1947.

Eat oer Fryske boargershuzen yn de 16e, 17e en 18e ieu, in: It Heitelân, 25e jrg., nr. 12, dec. 1947, 271-274.

It sil bistean: fersen. Snits, Brandenburgh & Co., 1946 [i.e. 1947]. (Frisia-rige, nr. 37.)

1948
De Huizumer school, in: Nieuw Friesland, 24 jan. 1948.

[Met M. Wiegersma en D. F. Wouda,] Forslach fan de Kommisje foar de priisfraech oer de Binnendiken en Slieperdiken fan Fryslân, in: It Beaken, 10e jrg., nr. 1, feb. 1948, 1-5.

Starum om 1600 hinne in deade stêd? De Pompeblêdden, 19e jrg., 1948, nr. 3, 69-70.

Oer merken, hânmerken, húsmerken, in: It Beaken, 10e jrg., nr. 2, apr. 1948, 35-45.

Gysbert Japicx oanhelle, in: It Heitelân, 26e jrg., nr. 4, apr. 1948, 78.

Nei oanlieding fan Psalm 130, in: De Tsjerne, 3e jrg., nr. 8, aug. 1948, 252-254.

De Joast Halbertsmapriis en Skylgeralân, in: Frysk en Frij, 4e jrg., nr. 42, 29 okt. 1948.

In dûbele lokwinsk, in: “Om it erfskip”, de útrikking fan de Gysbert Japicx en de dr. Joast Halbertsma-priis op freed 29 oktober 1948 to Boalsert, gearstald fan E. S. de Jong. Boalsert, Osinga, 1948.

Noch hwat duplyk, in: De Tsjerne, 3e jrg., nr. 11, nov. 1948, 350-351.

“Het land van Rembrand” en Fryslân, in: It Heitelân, 26e jrg., nr. 12, dec. 1948, 264-266.

Ploeggang en Hoevenstelsel, in: De Vrije Fries, 39ste dl., 17-48.

1949
Ta de moarn-Lunchroom-Jolm, in forgelykjende biskôging, in: De Tsjerne, 4e jrg., nr. 3, mrt. 1949, 65-70.

Foroarjen fan in pear nammen, in: De Pompeblêdden, 20e jrg., 1949, nr. 4, 79-80.

Harke en riuwe, in: Leeuwarder Courant, 23 mei 1949.

Handel en forkear yn Fryslân yn de tiid fan Gysbert Japicx, in: It Heitelân, 27e jrg., nr. 5, mei 1949, 99-101; 27e jrg. nr. 6, jun. 1949, 127-129; 27e jrg. nr. 7-8, jul.-aug. 1949, 153-156.

Frieslands strijd tegen het water door P. G. Bins, uitgegeven in samenwerking met de Kon. Ned. Toeristenbond (A. N. W. B.) door de Provinciale Friese Vereniging voor Vreemdelingenverkeer. Leeuwarden 1949, in: Frysk en Frij, 5e jrg. nr. 23, 10 jun.1949 [recensie].

Bylden út Grinslân I, in: Frysk en Frij, 5e jrg., nr. 37, 23 sep. 1949.

Bylden út Grinslân II, in: Frysk en Frij, 5e jrg., nr. 38, 30 sep., 1949.

Bylden út Grinslân III, in: Frysk en Frij, 5e jrg., nr. 39, 7 okt. 1949.

Bylden út Grinslân IV, in: Frysk en Frij, 5e jrg., nr. 40, 14 okt. 1949.

Bylden út Grinslân V, in: Frysk en Frij, 5e jrg., nr. 43, 4 nov. 1949.

Jong en libben, in: In materna lingua, Tinkboekje útjown ta gelegenheit fan de útrikking Gysbert Japicxpriis oan de hear Fedde Schurer, Boalsert, Osinga, 1949, 9-12.

Simboal of Skiente yn de Folkskunst, in: It Heitelân, 27e jrg., nr. 12, dec. 1949, 272-274.

Samle fersen. Snits, Brandenburgh & Co., 1949. – 2 dln.

1950
Peinjum en de gouden halsbân, in: It Heitelân, 28e jrg., nr. 1, jan. 1950, 4.

Noch eat oer Fraenkeraghae, in: It Beaken, 12e jrg., nr. 1, jan. 1950, 27-29.

Noch eat oer de Fryske pleats mei in opkeamer, in: It Beaken, 12e jrg., nr. 2, mrt. 1950, 61-64.

In stêd sûnder bilestingen? in: Frysk en Frij, 6e jrg., nr. 34, 1 apr. 1950.

De oerheit as eksploitant fan bouterrein yn de 16e en 17e ieu, in: Earebondel ta de tachtichste jierdei fan dr. G. A. Wumkes op 4 septimber 1949, Boalsert, Osinga, 1950, 131-138.

De bijl van Makkum, in: Leeuwarder Courant, 16 en 18 okt. 1950.

De Friese hoeve in de zandstreken (Een voorlopige oriëntering), in: De Vrije Fries, 40ste dl., 37-67.

De gemeene dorpsgronden in Oostergoo, wurdearringswurd, útsprutsen út namme fan de advyskommisje foar de takenning fan de dr. Joast Halbertsmapriis, in: Oer de skied fan ’t hjoed, Tinkboekje útjown ta gelegenheit fan de útrikking fan de Gysbert Japicx- en dr. Joast Halbertsma-priis, respektivelik oan de hearen dr. Y. Poortinga en mr. D. J. Cuipers, gearstald fan E. S. de Jong, Boalsert, Osinga, 1950, 24-27.

De historische ontwikkeling van het waterstaatsrecht in Friesland door mr. J. P. Winsemius, Franeker 1947, in: De Vrije Fries, 40ste dl., 217-220 [recensie].

Ir. G. J. A. Bouma, l. i., Pleatseboek, de Nije Fryske pleats, N.V. Wed. J. Ahrend en Zoon, Amsterdam 1950, in: De Vrije Fries, 40ste dl., 220-221 [recensie].

Lânnammen yn forbân mei mienskiplik lângebrûk, in: Fryske Plaknammen, dl. III, 7-11.

Over enige vreemde Gemeente- en Dorpsgrenzen in Friesland, in: De Vrije Fries, 40ste dl., 189-199.

Het rekenboek van het Klooster Selwerd 1560-1563, in: Groningse Volksalmanak, 1950, 72-89.

1951
Moadewurden, in: It Heitelân, 29e jrg., nr. 1, jan. 1951, 6.

De doarpsgrinzen, in: It Beaken, 13e jrg., nr. 1/2/3, mrt. 1951, 54-59.
Dit artikel staat in de Hantlieding foar Geakunde die ook afzonderlijk verscheen.

Hwat foar doarpsstúdzje nedich is, in: It Beaken, 13e jrg., nr. 1/2/3, mrt. 1951, 59-62.
Dit artikel staat in de Hantlieding foar Geakunde die ook afzonderlijk verscheen.

Nei oanlieding fan “De rechtsomgang van Franekeradeel” troch mrs. G. Overdiep en J. C. Tjessinga, in: It Beaken, 13e jrg., nr. 5, okt. 1951, 149-150.

Oer de wurdpearen: waar-weer en war-wer, in: Fryske Plaknammen, dl. IV, 71-74.

1952
Waren de oude burelanden van Terschelling voormalig kerkelijk bezit? in: Landbouwkundig Tijdschrift, 64e jrg. nr. 5, mei 1952, 323-324.

De Friese Boer – toen en nu, in: Friesland, toen . . . nu . . . straks, propaganda-uitgave met officiële medewerking van vele vooraanstaande autoriteiten en instanties in de provincie Friesland, Leeuwarden, Algemeen Publiciteitskantoor, 1952, 85-88.

Wydrum, in: Us Wurk, 1e jrg., wintermoanne 1952, 59.

Hoek, J. J. Spahr van der, Geschiedenis van de Friese landbouw. Met medewerking van O. Postma, Uitgegeven door de Friesche Maatschappij van landbouw ter gelegenheid van haar honderdjarig bestaan in 1952, Leeuwarden, 1952, twee delen. Hjirin: Postma, O., Eerste afdeling, 33-182. Deel 1 werd in 1954 met de dr. Joast Halbertsmapriis bekroond.

Van die éne bron : klein gedicht van het land [O. Postma; vertaald door Y. Poortinga, naar de Friese tekst in het gedenkboek van de Friese Maatschappij van Landbouw, in opdracht van het bestuur, om de Koningin te overhandigen als de Friese tekst voorgedragen werd. Leeuwarden, Landbouwhuis, 1952.] [S.l.], Fedde Dykstra, 1952.

1953
Noarderljocht, Moderne Sweedske poëzij yn oersetting fan Marten Sikkema. Reiddomp-rige, Laverman. Drachten 1953, in: Frysk en Frij, 9e jrg. nr. 22, 5 jun. 1953 [recensie].

Sport en spyljen as oanlieding ta rjochtsaken yn it 18e ieuske Gaesterlân, in: It Heitelân, 31e jrg., nr. 12, dec. 1953, 186.

De doorgaande plaatsen en de daarbij behorende meente, in: De Vrije Fries, 41ste dl., 94-104.

It Fryske doarp as tsjerklike en wrâldske ienheit foar 1795, Twadde hwat oanfolle en forbettere printinge. Snits, Brandenburgh & Co., 1953. [Deze druk is uitgegeven door de Fryske Akademy als erebundel ter gelegenheid van de 85ste verjaardag van dr. O. Postma.]

Een landmeter aan het werk in de 16e eeuw, in: Groninger Volksalmanak, 1953, 50-68.

Trije lieten foar alt of baryton mei pianobiglieding; op muzyk set fan Th. Lambooij. Ljouwert, Fedde Dykstra, 1952.

1954
Oer de wevers fan Harns yn de 18e ieu, in: It Beaken, 16e jrg., nr. 2, apr. 1954, 33-42.

Dokkum as lân- en séstêd yn it forline, in: It Beaken, 16e jrg., nr. 5/6/7, jun. 1954, 150-154.
Dit artikel staat in: Dokkum, bolwurk fan it Noarden, dat ook afzonderlijk verscheen.

Hwat oer in Snitser smid yn it midden fan de 16e ieu, in: It Heitelân, 32e jrg., nr. 9, sep. 1954, 153-154.

Het Friese zogenaamde “Kadaster van 1505” dat niet van 1505 is, in: Bijdragen voor de geschiedenis der Nederlanden, dl. VIII, afl. 1-2, 46-49.

Over de hoevevorming in de Friese Zuidwestelijke kuststreek en op Ameland, I., in: Tijdschrift voor Economische en Sociale Geografie, 45e jrg., nr. 1, 20-26.

Over de hoevevorming in de Friese Zuidwestelijke kuststreek en op Ameland, II., in: Tijdschrift voor Economische en Sociale Geografie, 45e jrg., nr. 2, 50-54.
English summary: Development of farmers’ holdings in the south-west Frisian area and on the isle of Ameland, on page 54-55.

1955
Inkele bisûnderheden oer Gaesterlân, in: De Pompeblêdden, 26e jrg. 1955, nr. 1, 13-15.

Boalsert, stêd en lân, in: It Beaken, 17e jrg., nr. 3/4/5, jul. 1955, 115-120.
Dit artikel staat in: Boalsert, hert fan Westergoa, dat ook afzonderlijk verscheen.

Ien en oar út it “kalverboek” fan Boalsert, in: It Heitelân, 33e jrg., nr. 7-8, jul.-aug. 1955, 116-118.

De foarkar foar Slauerhoff, in: De Tsjerne, 10e jrg., nr. 8, aug. 1955, 270-273.

Truchstrinzede Ritherne, in: Us Wurk, 4e jrg., nr. 3/4, wynmoanne 1955, 34-35.

Doarp en Pleatsen, in: It Beaken, 17e jrg., nr. 6, okt. 1955, 177-182.

Makkum en Statum (In doarp wurdt “vlek”), in: It Heitelân, 33e jrg., nr. 12, dec. 1955, 207-210.

Een grafelijk dorp in Friesland, in: De Vrije Fries, 42ste dl., 7-13.

Hoe kin it wurd “Aenwert” de bitsjutting fan “krite” krigen hawwe? in: Fryske Plaknammen, dl. VII, 39-40.

Oer it Fryske libben fan troch ‘en dei yn ‘e 16e en 17e ieu. Snits, Brandenburgh & Co., 1955, omwurke en oanfolle mei twa haedstikjes. [Nieuwe bewerkte en vermeerderde uitgave van hfdst. III, It boerelibben, in: De Fryske boerkerij en it boerelibben yn ‘e 16e en 17e ieu, 1937.]

Oer de pleatsen yn Barradiel, in: Barradeel, Rapport betreffende het onderzoek van het Lânskip-genetysk Wurkforbân fan de Fryske Akademy. Drachten, Laverman, 1955, 161-169.

Over aanvang en eerste tijd van de Floreenbelasting in Friesland, in: De Vrije Fries, 42ste dl., 132-143.

Tyole, tyolle, tsjoele ensf., in: Fryske Plaknammen, dl. VII, 3-4.

Zwaagwesteindde, het ventersdorp op de Friese heide, door K. Sikkema Sr. en K. Sikkema Jr. In het jaar 1954 uitgegeven bij T. Wever te Franeker in opdracht van de Fryske Akademy, in: De Vrije Fries, 42ste dl., 145-146 [recensie].

1956
Fan in Makkumer skipper en in Makkumer skip, in: It Heitelân, 34e jrg., nr. 4, apr. 1956, 63-65.

Oer it Snitser gymnasium goed 70 jier forlyn, Rostra Gymnasii Snecani, 1e jrg., nr. 4, sep. 1956, 66-68.

In pear opmerkingen nei oanlieding fan It Heitelân fan septimber, in: It Heitelân, 34e jrg., nr. 8, okt. 1956, 182.

Oer it Snitser gymnasium goed 70 jier forlyn, Rostra Gymnasii Snecani, 1e jrg., nr. 5, nov. 1956, 83-85.

Enkele opmerkingen naar aanleiding van deel XIV der Estrikken, in: Us Wurk, 5e jrg., nr. 3/4, wintermoanne 1956, 90-95 [Postma maakt opmerkingen over: prof. dr. B. H. Slicher van Bath, prof. dr. J. H. Brouwer, mr. P. Gerbenzon, Rienck Hemmema, Rekenboeck off Memoriael (1569-1573), 1956.]

Noch eat oer it wurd “Tsjoele”, in: Fryske Plaknammen, dl. VIII, 5-6

Over een paar moeilijkheden de geschiedenis van het Rechtsbestel van Appingedam betreffend, in: Groninger Volksalmanak, 1956, 140-147.

1957
Oer Harnzer keaplju yn de 17e ieu, in: It Heitelân, 35e jrg., nr. 2, feb. 1957, 22-24.

Oer de doarpsfolmachten yn Fryslân. Bydrage ta de skiednis fan de Fryske demokrasy, in: It Beaken, 19e jrg., nr. 1, feb. 1957, 13-24.

Eat oer in pear Bonnema’s fan Kimswert, in: It Heitelân, 35e jrg., nr. 7, sep.-okt. 1957, 136-138.

Oer in kleaster to Makkum, in: It Beaken, 19e jrg., nr. 4, okt. 1957, 145-146.

Oer it testamint fan in ûnderpastoar fan it jier 1544, in: It Heitelân, 35e jrg., nr. 9, dec. 1957, 177-179.

Essen op de Friese klei, in: De Vrije Fries, 43ste dl., 90-99.

Fan wjerklank en bisinnen: fersen. Drachten, Laverman, 1957.

[Mei mr. H. W. Kuipers,] De grinzen, in: Baerderadiel, in geakunde. Drachten, Laverman, 1957, 139-144.

In pear nammen út Wûnseradiel, in: Fryske Plaknammen, dl. IX, 13-14.

Toponymysk Probleem. Oer de adjektivyske foarmingen op -ster, -stra en -stera by Fryske plaknammen, lyk as Houster tille, Bonghuystra saet, Cambuyerstera landen, in: Fryske Plaknammen, dl. X, 3-6.

1958
In pear wurden ta forklearring [oer de gedichten yn Fan wjerklank en bisinnen], [Heliand], in: De Tsjerne, 13e jrg., nr. 2, feb. 1958, 60-61.

In pear bisûnderheden út it tsjerkerekkenboek fan Mullum, in: It Heitelân 36e jrg., nr. 2, 34-35.

Fan boer en ambacht, Oantekeningen út Weesrekkeningsboeken, in: It Beaken, 20ste jrg., nr. 1/2/3, mrt. 1958, 121-132.

Oantekeningen út in tsjerkerekkenboek [Achlum], De Strikel jrg. 1, nr. 2, mrt. 1958, 20-21.

It boerelibben yn Gaesterlûn roun der yn it forline noch al út: twa-trije hierders foar ien stik lân, oksen foar de ploege, oare nammen, in: Leeuwarder Courant, 3 mei 1958.

Liuwen yn Fryslân, in: De Strikel, 1e jrg., nr. 5, jun. 1958, 71.

Mei brea nei Koarnwert yn 1516, in: De Strikel, 1e jrg., nr. 10, nov. 1958, 158.

Noch hwat oer it Makkumer kleaster, in: It Beaken, 20ste jrg., nr. 5, nov. 1958, 240.

Enkele opmerkingen Groninger plaatsnamen betreffende, Driemaandelijkse Bladen 10e jrg., 65-70.

Enkele opmerkingen over Stellingwerver toponiemen, Fryske Plaknammen, dl. XI, 3-4.

Iets over de landerijen van het eiland Schiermonnikoog, in: Groninger Volksalmanak, 1958, 66-72.

1959
Ynbring fan man en wiif yn 1538, in: De Strikel, 2e jrg., nr. 2, feb. 1959, 30.

In pear opmerkingen nei oanlieding fan ‘Pleats en mienskip’ yn It Beaken fan 5 novimber 1958, in: It Beaken, 21ste jrg., nr. 5, sep. 1959, 203-204.

Weven en spinnen to Frjentsjer, in: De Strikel, 2e jrg., nr. 10, nov. 1959, 149.

In Fryske ynventaris yn Grinzerlân [Peije Eelkema, eind 14e ieu], in: It Beaken, nr. 6, dec. 1959, 21ste jrg., 213-216.

Ein [ingesproken door Postma zelf, op geluidsband voor Giacomo Prampolini. S.l. : s.n.], 1959.

Nog enkele Groninger plaatsnamen, in: Driemaandelijkse Bladen, 11de jrg., 90-93.

Oer in pear toponimen hjir en dêr wei, in: Fryske Plaknammen, dl. XII, 3-5.

De schar- of schaarbrief als reglement voor het gebruik van het gemene veld, in: Verslagen en mededelingen der Vereniging tot uitgaaf der bronnen van het Oudvaderlandse recht XI (1959), 481-493.

1960
In hânskrift fan Obe Sikkes Bangma, in: De Strikel, 3de jrg., nr.1, jan. 1960, 13-14.

Bode en consent, in: It Heitelân, 38e jrg., nr. 2, 28.

Fan in lyts Frysk doarpke [Offingawier], in: It Heitelân, 38e jrg., nr. 3, 40-41.

Gjin boadskip yn ‘e fastelavent, in: De Strikel, 3de jrg., nr. 4, april/mei 1960, 55.

Oer huzen mei brave keamers en deftige souders, in: It Heitelân, 38ste jrg., nr. 4/5, 60-61.

Oer it tiidskrift de Holder (1926-1929), in: Fryske Stúdzjes oanbean oan Prof. dr. J. H. Brouwer op syn sechtichste jierdei 23 augustus 1960, Assen, Van Gorcum, 1960, 251-254.

Fan healkannen bier, in: De Strikel, 3de jrg., nr. 7/8, aug./sep. 1960, 101.

De “Rimen en teltsjes” en de “Camera obscura”, in: De Tsjerne, 15e jrg., nr. 9, sep. 1960, 262-263.

Oarkonden yn it lyts, in: It Beaken, 22ste jrg., nr. 3, okt. 1960, 113-117.

De dichter Jan Starter as taksateur, in: De Strikel, 3de jrg., nr. 10, nov. 1960, 143.

De magistraat van Sneek als beheerder van gemene scharren, in: De Vrije Fries 44ste dl., 92-101.

Over de positie van het Vlek in Friesland in de tijd van de republiek, in: De Vrije Fries, 44ste dl, 51-58.

1961
Ljocht en tsjuster yn it Harnzer libben fan de sawntjinde (‘gouden’) ieu, in: De Strikel, 4de jrg., nr. 2, feb. 1961, 26-27.

Foar it gerjocht to Frentsjer, in: De Strikel, 4de jrg., nr. 6, jun. 1961, 85.

Fan ‘vierendelen’ dy’t gjin fjirdeparten binne, in: It Beaken, 23ste jrg., nr. 3, sep. 1961, 105-107.

Oer in keapman yn de Frânske tiid [Eeltsje Haitzes Bonnema te Kimswerd], in: De Strikel, 4de jrg., nr. 11, nov. 1961, 150-151.

In doarpswinkel fan 1583, in: It Heitelân, 39ste jrg., 34-35.

1962
Twa jier lang wei [Gysbert Japicx], in: De Strikel, 5de jrg., nr. 3, mrt. 1962, 45-46.

‘Eester’ en ‘hornleger’ as ûnderdielen fan it fjild by de Fryske boerepleats, in: It Beaken, 24ste jrg., nr. 2, jul.1962, 144-147.

Oer in proses tusken Bonga en Bonnema, in: De Strikel, 5de jrg., nr. 11, nov. 1962, 151.

Biskôgingen oer in pear toponimen [Opsterlân; Bân, band, bant; Keyn, Keyns], in: Fryske Plaknammen, dl. XIII, 14-17.

In lytse taheakke oan de toponimen fan Eanjum, in: Fryske Plaknammen, dl. XIII, 10.

Oude dorpsrekeningen in verschillende soorten dorpen, in: De Vrije Fries, 45ste dl., 113-121.

Slechte betalers in de Gouden eeuw, in: De Vrije Fries, 45ste dl., 155-160.

1963
Eigen kar, In blomlêzing út de Samle Fersen, Drachten, Laverman, [1963].

Lees verder Primaire bibliografie van het werk van Obe Postma

Selektive bibliografy fan wurk oer Postma

Boersma, P., De frekwinsje fan it eigenskipswurd yn it wurk fan Obe Postma, yn: Siebren Dyk en Germen de Haan (red.), Wurdfoarried en wurdgrammatika (Ljouwert 1988) 1-20.

Boersma, U.J., Birutsen vitalisme, De Tsjerne 8 (1953) 91-92.

Breuker, Ph.H., Obe Postma en Slauerhoff: noch in oerienkomst, Ut de Smidte fan de Fryske Akademy 13, nr. 1 (1979) 21. Lees verder Selektive bibliografy fan wurk oer Postma

Dr. Obe Postma…. mear as in Frysk dichter

earste lêzing fan it Obe Postma Selskip (sa likernôch sa) hâlden troch Tineke Steenmeijer-Wielenga yn de tsjerke fan Koarnwert op snein 19 novimber 2006

Achte dames en hearen, leden fan it Obe Postma Selskip en oare belangstellenden,

Oan my is de ear om yn it noch jonge bestean fan ús Selskip de earste lêzing te hâlden. Ik sil wat fertelle oer myn wurk foar de biografy fan Postma, in boek dat ik skriuwe wol as dissertaasje en dêr’t ik dan fan hoopje der yn 2009 by Philippus Breuker op promovearje te kinnen oan de Universiteit van Amsterdam, Postma syn Alma mater. Ut myn stúdzjekar, de Fryske taal- en letterkunde en út myn wurk oan it Frysk Letterkundich Museum en Dokumintaasjesintrum yn Ljouwert, in ynstelling dy’t sûnt de fúzje mei de Provinsjale Biblioteek en it Ryksargyf ûnderdiel is fan it histoarysk en letterkundich sintrum Tresoar, docht al wol bliken, dat de ynfalshoeke, dêr’t ik út wei skriuwe sil, de literêrhistoaryske wêze moat. Lees verder Dr. Obe Postma…. mear as in Frysk dichter